Juan En La Ciudad
Toño Rosario
Juan In de Stad
Zei Juan op een dag tegen zijn vader:
Geef me wat van mij is, ik wil niet wachten
Ik ga naar de grote stad
Ik wil het leven genieten
Mijn zoon, daar is veel kwaad
Verslaving, vrouwen, verraad en slechtheid
Ohh blijf hier, ga daar niet heen
Maar Juan luisterde niet.
En in de grote stad genoot Juan zo veel
Wijn en genoegens, mooie vrouwen
Maar op een dag had Juan geen geld meer,
En al zijn vrienden keerden hem de rug toe
Nu is Juan, alleen daar
Koud en hongerig, begon na te denken
Wat was ik gelukkig toen ik bij papa was
Als ik terugga, vergeeft hij me misschien
En de vader zei toen hij hem zag aankomen:
Mijn zoon is terug, laten we feest vieren
Organiseer een feest, laten we zingen
Want de kukito is terug, laten we feest vieren
En de vader zei toen hij hem zag aankomen:
Mijn zoon is terug, laten we feest vieren
Slacht een koe, maak een sancocho
Want de Kukito is terug, heren
Als een mooie zoon
En de vader zei toen hij hem zag aankomen:
Mijn zoon is terug, laten we feest vieren
Organiseer een feest, laten we zingen
Want mijn zoon is terug, laten we feest vieren
En de vader zei toen hij hem zag aankomen:
Mijn zoon is terug, laten we feest vieren