Por Quien Las Campanas
La Granja
Voor Wie De Klokken Luiden
Voor wie luiden de klokken?,
ik breek een lans voor jou,
voor wie luiden de klokken?
Zeven keer per week,
zeven keer op scherp,
zeven keer per week.
En ik sta hier aan de frontlinie,
vergeten in een hoek.
Heerlijk bitter,
ik nipte van de sap van een citroen,
heerlijk bitter.
Als een vergiftigde slok,
als een ijskoude slok die barst,
als een zoete slok.
Zoek me aan de frontlinie,
daar waar de zon nauwelijks schijnt.
Je weet dat ik je in vreemde code spreek,
ik voel dat je het lied niet begrijpt,
voor wie luiden de klokken?
Stille lente,
mijn steile pony spreekt voor jou,
heerlijk lente.
Arrogantie in je woorden,
laat me je nogmaals vragen,
voor wie luiden de klokken?
Zoek me aan de frontlinie,
daar waar de zon nauwelijks schijnt.
Je weet dat ik je in vreemde code spreek,
ik voel dat je het lied niet begrijpt,
voor wie luiden de klokken?
Je weet dat ik je in vreemde code spreek,
ik voel dat je het lied niet begrijpt,
voor wie luiden de klokken?